Total loss: hoe moet de geleden schade worden bepaald?

Anetta Volkerink 30 maart 2017 door Anetta Volkerink-de Boer

Het kan ons allemaal overkomen; bij een aanrijding met een andere partij raakt je auto, door schuld van die ander, ‘total loss’. Als het bij ‘blikschade’ blijft zou de afwikkeling met een verzekeraar geen probleem moeten zijn, maar uit een uitspraak van de Hoge Raad van februari 2017 blijkt dat daarover soms lang geprocedeerd kan worden. Uitgangspunt bij schadevergoeding is dat een benadeelde daardoor zoveel mogelijk in de situatie wordt gebracht zoals die, het ongeval weggedacht, zou zijn geweest.

In dit geval meende de verzekeringsmaatschappij van de aansprakelijke persoon dat zij voor de bepaling van de hoogte van de schade gebruik kon maken van een ter plaatse gebruikelijke afschrijvingsmethode waarbij de catalogus- c.q. nieuwwaarde van een auto per jaar met een bepaald percentage werd verminderd. De eigenaar van de auto had bezwaar; hij stelde dat hij door deze methodiek weliswaar een som geld kreeg, maar daarvoor niet een min of meer vergelijkbare auto kon aanschaffen. Hij onderbouwde dat door een autocatalogus te overleggen met daarin prijzen van tweedehands auto’s en refereerde aan de daarin opgenomen (hogere!) prijs voor een vergelijkbare auto zoals hij die ten tijde van de aanrijding had. Hij kreeg gelijk. De afschrijvingsmethode leek heel ‘zuiver’, maar deed onvoldoende recht aan de concrete situatie!