Werkgever móet meewerken aan de beëindiging van een slapend dienstverband

Roswitha-Edema 10 november 2019 door Roswitha Edema-Spaans

Hoe werkgevers dit kunnen regelen

De Hoge Raad heeft in zijn uitspraak van 8 November 2019 bepaald dat een werkgever in beginsel verplicht is om mee te werken aan een voorstel van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer om het dienstverband met wederzijdse instemming te beëindigen onder toekenning van de wettelijke transitievergoeding.

Dit in het licht van de op handen zijnde compensatie (met ingang van 1 april 2020) van de te betalen transitievergoeding door het UWV uit hoofde van de Wet Compensatie Transitievergoeding (Wct).

Wat betekent dit voor u als werkgever? Dat zet ik hieronder voor u uiteen.

In 5 stappen een einde aan slapende dienstverbanden

1 Heeft werknemer al gevraagd om zijn slapende dienstverband te beëindigen?

Zo nee, dan hoeft u niets te doen, tenzij u zelf tot beëindiging wilt overgaan.

Zo ja, zie dan stap 2.

2 Wanneer is het dienstverband slapend geworden?

Was dit vóór 1 juli 2015 dan gold er nog geen transitievergoeding. Dus krijgt u niks gecompenseerd als u het dienstverband beëindigt onder toekenning van de transitievergoeding. In dat geval adviseren wij niet op het verzoek van werknemer in te gaan.

Was dit ná 1 juli 2015, dan heeft u in beginsel de verplichting om mee te werken, tenzij u nog reële herplaatsingsmogelijkheden voor deze werknemer ziet.

3 Welke transitievergoeding moet u aanbieden?

Volgens de Hoge Raad hoeft de transitievergoeding niet hoger te zijn dan het bedrag dat verschuldigd zou zijn bij einde wachttijd (doorgaans na 2 jaar ziekte). Ga daar dus van uit bij uw aanbod.

Maar pas op:  vanaf 1 januari 2020 wordt de transitievergoeding anders berekend. Als de einddatum van het dienstverband ná 1 januari 2020 ligt, maar het einde van de wachttijd tussen juli 2015 en januari 2020 lag, is het advies om een berekening te maken van de transitievergoeding voor beide tijdstippen. De transitievergoeding kan vanaf 1 januari 2020 namelijk lager uitpakken als sprake is van een oudere werknemer met een zeer lang dienstverband. In dat geval adviseren wij om aan te sluiten bij de wettelijke transitievergoeding die op de einddatum geldt.

4 Mag ik rekening houden met wat het UWV zal compenseren?

In beginsel niet. De Hoge Raad geeft in zijn uitspraak het volgende voorbeeld. Een werkgever heeft aan bruto loon over de periode van ziekte minder betaald dan de wettelijke transitievergoeding bedraagt. De compensatie van het UWV zal dan niet hoger zijn dan dat bedrag. In dat geval moet u wel de volledige transitievergoeding betalen, maar krijgt u dus niet alles gecompenseerd.

5 Wat als u niet kunt voorfinancieren?

Als u nog vóór 1 april 2020 tot een beëindiging in onderling overleg overgaat en de voorfinanciering voor u een probleem vormt, kunt u met werknemer afspreken dat de transitievergoeding pas na 1 april 2020 zal worden betaald, dan wel dat de vergoeding in termijnen wordt betaald.

De Hoge Raad heeft namelijk bepaald dat, zolang de compensatieregeling nog niet is ingegaan, de rechter zo’n regeling kan toestaan in geval de voorfinanciering van de transitievergoeding leidt tot ernstige financiële problemen voor werkgever. Dit kan dus ook in onderling overleg worden afgesproken.

 

Hebt u op dit moment een slapend dienstverband waarbij werknemer u heeft gevraagd die te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding en hebt u hier vragen over?

Neem dan gerust contact op met mij of met één van mijn gespecialiseerde collega's.